Hoogbegaafdheid bij peuters en kleuters
De eerste drie à vier levensjaren van een kind spelen zich veelal binnen de eigen familiekring af. Elke dag leert
het kind een nieuwe vaardigheid. Dat er eventueel sprake is van afwijkende belangstelling of hoger dan gemiddelde
intelligentie wordt niet snel opgemerkt. Toch komt het vaak voor dat ouders aangeven dat de ontwikkeling van hun kind
achteraf bezien van meet af aan erg snel ging. Waaruit is hoogbegaafdheid bij peuters en kleuters af te leiden?
- Scherp waarnemingsvermogen. Het kind kan lang en ingespannen volgen wat er om hem of haar heen gebeurt.
- Al vroeg goed kunnen spreken en een grote woordenschat bezitten. Op het oog komt ook het tegenovergestelde voor: dat het kind heel lang niet praat. Maar als het tenslotte begint met praten, doet het dat gelijk heel goed en volledig.
- Sterke gerichtheid op intellectuele uitdagingen (letters, cijfers).
- Meestal weinig slaap nodig. Het komt voor dat kinderen vanaf hun eerste jaar s middags niet meer naar bed willen.
- Perfectionisme, waarbij het kind zijn eigen wil niet kan bijbenen en dus ‘boos op zichzelf’ wordt omdat het niet in staat is te voldoen aan zijn eigen wil.
- Overslaan van speelfase ten gunste van intellectuele bezigheden. Speelgoed is aan dergelijke kinderen niet besteed. Boeken met wetenswaardigheden of CD-roms met een hoog educatief gehalte zijn daarentegen zeer welkom.
- Vol ideeën, die veelal door leeftijdgenootjes niet begrepen worden.
CASUS
|

